Depressie: een keerpunt?

In 2008, heeft het 3de Forum vooral nadruk willen leggen op de beleving van depressie en de zin die eenieder van ons er zou kunnen aan geven : “Depressie: een keerpunt?” op 22 november jl. vond voor de derde maal het Forum Depressie plaats. De uitgelezen kans voor patienten en hun naasten om rond de tafel te gaan zitten met zorgverleners uit verschillende disciplines. Het werd, zoals in 2006 en 2007, een boeiende en verrijkende confrontatie; dit jaar was het een interessante gedachten uitwisseling, zowel binnen het publiek onderling, als tussen publiek en panel. Dit derde forum rond depressie werd opgebouwd rond drie centrale vragen.

  • Hoe beleef ik een depressie?
  • Hoe kan ik overeind blijven?
  • Heeft een depressie zin?

Een beknopt verslag van een goed gevulde dag...  Te Gent, met Jan Van Parijs, moderator-journalist

Op het forum te Gent waren dit:

  • Dr. Hans van den Ameele; psychiater te Brugge
  • Dr. Dirk Van den Abbeele, psychiater aan het UZ Gent
  • Roland Rogiers, psycholoog aan het UZ Gent
  • Dr. Luc de Puydt, Huisarts te Bredene

Voor vele mensen betekent een depressie een keerpunt in hun leven. Er is het leven ‘voor’ en net leven ‘na’ de depressie. Dit is ook heel begrijpelijk. Een depressie gooit heel je leven namelijk helemaal overhoop. En of je het nu wil of niet; je leven krijgt een andere wending na een depressieve episode.

Daarover spraken de deelnemers op dit forum. Er waren vier experten en een zeventigtal ervaringsdeskundigen [1]. De opkomst van de ervaringsdeskundige overtrof trouwens alle verwachtingen Deze groep was heel divers samengesteld: mensen die zelf een depressie achter de rug hadden, hulpverleners, vrijwilligers van zelfhulpgroepen, familieleden van depressieve mensen, enz.  Opvallend was dat tijdens de gesprekken experten en ervaringsdeskundigen inhoudelijk op dezelfde lijn zaten. Stellingen werden niet ontkracht of verbeterd. Ze werden aangevuld of genuanceerd.  Dit derde forum rond depressie werd opgebouwd rond drie centrale vragen.

  • - Hoe beleef ik een depressie?
  • - Hoe kan ik overeind blijven?
  • - Heeft een depressie zin?

Hoe beleef ik een depressie?

Hoe je naar een depressie kijkt en beleeft hangt natuurlijk af vanuit welk standpunt je het bekijkt: enerzijds zijn er de mensen die zelf een depressie doormaakten en anderzijds zijn er diegenen die in contact staan met iemand die een depressie doormaakte. We denken dan aan de partners, kinderen of hulpverleners.

Mensen die zelf een depressie hebben doorworsteld geven aan dat depressie gelijk staat aan lijden. Je maakt namelijk iets mee dat je zelf niet wil. Het lijkt alsof je zelf geen greep op je eigen lichaam hebt. Op lichamelijke vlak kan je niet eten, niet slapen, je bent geestelijk vermoeid, je algemene draagkracht neemt steeds verder af, …De depressie krijgt steeds verder greep op jou en sleurt je mee in een spiraalvorm naar beneden. Je wil wel tegenspartelen, maar het lijkt niet te lukken.

Het centrale gevoel daarbij is “schaamte”. In die mate zelfs dat mensen niet meer naar buiten gaan en zich in hun eigen huis opsluiten om geen andere mensen meer onder ogen te moeten komen. Dit laatste vooral omdat de omgeving weinig begrip opbrengt voor wie een depressie doormaakt. En precies dit onbegrip zorgt ervoor dat mensen zich nog meer gaan opsluiten: “niemand begrijpt me”. En zo wordt een vicieuze cirkel in gang gezet.

Mensen die van op de zijlijn toekijken, zoals hulpverleners, familieleden of partners, weten vaak niet goed hoe te reageren. Enerzijds hebben ze een gevoel van medeleven, maar anderzijds beseffen ze maar al te goed dat ze afstand moet houden. Anders bestaat het risico dat ze worden ‘meegezogen’ in de depressie. Bij hen overheerst het gevoel van onmacht. Ze zien iemand wegzakken in depressie, willen helpen, maar dat slaat niet aan. Het is “willen, maar niet kunnen”. Bij hen overheerst dan vaak ook het gevoel dat ze de depressieve persoon niet echt kunnen bereiken. Ze willen wel meeleven, maar ze voelen hetzelfde lijden niet. Er blijft steeds een afstand tussen hen de depressieve andere.

Een klacht die bij heel wat partners en familieleden terugkomt is dat hun vragen bij hulpverleners niet steeds ernstig genomen worden. Het is begrijpelijk dat hulpverleners in de eerste plaats op de “patie
nt” gericht zijn, maar familieleden en partners willen ook geīnformeerd worden. Ook zij willen een antwoord op hun vraag, horen wat er precies aan de hand is, hoe de therapie eruit ziet, hoeveel kans op herstel der is, … Te vaak blijven zij in de kou staan.

Een aantal thema’s blijken zowel bij de “depressieve mensen” als “derden” terug te komen. Beide groepen ervaren onmacht bij zichzelf en onbegrip bij anderen. Daarnaast beseffen ze maar al te goed dat een oplossing er pas komt als de depressie echt aanvaard wordt. Het erkennen en aanvaarden van de ziekte is de eerste noodzakelijke stap tot herstel.

Hoe kan ik overeind blijven?

Recht blijven bij een depressie is niet evident. Iedereen zoekt en test verschillende oplossingen uit. Sommige werken en andere niet.

Strategieen die niet werken zijn er genoeg. Zelfbeklag en doordrammen over de eigen problemen brengen geen zoden aan de dijk. Maar evenzeer de goedbedoelde raad van anderen helpen niet. Klassieker daarbij zijn: “je hebt toch niet te klagen”, “het kan toch veel erger”, “jij moet eens op vakantie gaan”, …

Bij de strategieen die wel werken werden heel wat oplossingen opgesomd die in de depressieve persoon zelf te vinden zijn, o.a. de volgende op:

* Het aanvaarden van de diagnose. Elke genezing vertrekt bij het stellen van een goede diagnose. De medische diagnose valt niet steeds in goede aarde. Sommigen verzetten er zich tegen. Nochtans kan de eerste stap vooruit pas gezet worden zodra je erkent “dat je ziek bent, dat je depressief bent”.
* Na een goede diagnose is er ook nood aan correcte informatie: wat houdt die diagnose precies in, kan ik herstellen, hoe lang duurt een therapie, …
Het is precies hier dat familieleden vaak nog met vragen blijven zitten. Zij blijven in hun zoektocht naar informatie nog te vaak in de kou zitten. Heel praktisch vragen zij bijvoorbeeld om meer gehoord te worden door de behandelende arts, of om bij de consultatie aanwezig te kunnen zijn.
* Loslaten van het verleden. Vooruit gaan kan pas, als je al het oude dat je tegenhoudt durft los te laten.
* Structuur zoeken in je leven. Wie uit een depressie wil klauteren heeft nood aan regelmaat en vaste afspraken. Die structuur moet je jezelf opleggen: uit je bed stappen, ontbijt nemen, naar de winkel gaan, … Het zijn eenvoudige zaken die regelmaat en orde in het leven brengen. Hoe klein ook, … het zijn elementen van een herstel.
* Durven je eigen grenzen stellen en zorgen dat die gerespecteerd worden. Dit zal meteen ook betekenen dat mensen met een depressie “nee” leren zeggen. In die zin zal men soms iets meer egocentrisch moeten zijn en bijvoorbeeld meer tijd voor jezelf durven nemen.

Maar hulp zoek je niet alleen bij jezelf. Je vindt die ook bij anderen. In de eerste plaats kijken we dan naar therapiee
n. Klassiek valt die uiteen in psychotherapie en medicatie. Maar er zijn nog andere hulpwijzen:

* Heel wat mensen waren gebaat bij “mindfullness”. Vooral de idee en het leerproces om “in het hier en nu” te leren staan blijkt heilvol te zijn.
* Yoga en Tai Chi zijn minder gekend en nog niet echt geīntegreerd binnen de klassieke hulpverlening, maar ook zij kunnen houvast en hulp bieden. Opvallend is dat deze twee vormen van “in het leven” staan nogal eens overlappen met de “techniek van mindfullness”. Of hoe het Oosten en het Westen elkaar de hand reiken.
* Maar er is meer: gaan zingen, zwemmen, naar de tekenacademie gaan, les volgen, sporten, … Het werd allemaal opgesomd als een vorm van steun. Er loopt een rode draad doorheen deze verschillende vormen van hulp: mensen moeten actief blijven, je moet iets doen.

Partners en familieleden staan vaak machteloos van op de zijlijn te kijken. Voor hen is er veel minder gestructureerde hulp aanwezig. Natuurlijk bestaan er in ons land zelfhulpgroepen en/of contactgroepen. Maar heel wat mensen zijn die pas zelf, vaak na een lange zoektocht, op het spoor gekomen. En dat terwijl artsen, verpleegkundigen, therapeuten en andere hulpverleners de eersten zouden moeten zijn om hen de weg te wijzen naar steunpunten. De structurele ondersteuning van hulp voor partners en familieleden kan dus nog heel wat verbeteren.

Heeft een depressie zin?

Iedereen was het erover eens: “Een depressie heeft geen zin”. Net zoals een andere ziekte geen zin heeft. Maar, dit betekent niet dat je er niks uit kan leven. Er kan iets “geoogst” worden na een depressie. Alleen jammer dat het zoveel kost om dit te leren. Het is een leerproces met een hoge kostprijs.

Het is pas achteraf dat mensen hun leven bijsturen. Wat verandert er dan? Wat leerden mensen?

* Grenzen duidelijker leren stellen
* Meer tijd nemen voor jezelf
* “nee” zeggen
* Prioriteiten stellen in je leven
* Leren relativeren
* Een depressie is ook het moment om “grote kuis” te houden. Weggooien wat weinig zin aan je leven biedt. Maar evenzeer een grote kuis houden in je vriendenkring.

Maar wat er geleerd werd uit een depressie is heel individueel. Voor iedereen is het iets anders. Sterker nog. Het kan tegenstrijdig zijn. We geven een voorbeeld. Iemand vertelde tijdens het forum dat ze “dank zij” een depressie de bijbel heeft leren ontdekken. Maar iemand ander zei net het tegenover gestelde: “dank zij een depressie heb ik geleerd dat de bijbel zinloos is en geen meerwaarde biedt”.

Sommigen gaan zover dat ze hun depressie “dankbaar zijn”. Want na de put van de depressie kwam er kwaliteit in hun leven. Misschien zijn dit optimistische uitzonderingen. Want bij heel wat mensen blijft de vrees tot herval boven het hoofd hangen. De vrees: “het zal toch niet opnieuw de kop op steken”.

Depressie is een ziekte die zeer veel voorkomt. Zo kampt een Belg op de tien minstens een keer in zijn leven met een depressie. Vooral vrouwen zijn slachtoffer, zo zeggen de cijfers, al kunnen daar vraagtekens bij worden geplaatst. Is het niet zo dat vrouwen makkelijker dan mannen toegeven dat ze een ernstig probleem hebben? En dat ze sneller naar de hulpverlening stappen ?

Maar depressie is niet per definitie een “vrouwelijk” fenomeen, en het is evenmin een Belgisch verschijnsel. Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie zal depressie tegen 2010 wereldwijd de tweede meest voorkomende ziekte zijn.

Het woord ziekte is niet toevallig gekozen. Zowel medische als niet-medische zorgverstrekkers zijn het erover eens dat een depressie een ernstige aandoening is die een wetenschappelijke diagnose en een behandeling op maat vereist. Uitspraken als “zet je erover heen”, of “wees wat flinker” worden niet langer als goed advies beschouwd, en gelukkig maar. Evenmin als men zou aanvaarden dat iemand met astma of epilepsie de raad krijgt “het zich wat minder aan te trekken”. De aanvaarding van depressie als een ziekte, heeft ervoor gezorgd dat het onderzoek naar oorzaken en behandeling in een stroomversnelling is geraakt. Heel wat nieuwe inzichten werden ontwikkeld en de behandelingsmogelijkheden werden sterk uitgebreid. Toch bestaat er voor depressie geen universele aanpak, en die zal er wellicht ook nooit komen. Want ondanks het duidelijke ziektepatroon, blijft een depressie een hoogst individuele aandoening met vele gezichten. De dialoog tussen enerzijds patienten en hun omgeving, die de ziekte aan den lijve ondervinden, en anderzijds experts die een rijke bagage aan wetenschappelijke kennis en therapeutisch inzicht hebben ontwikkeld, blijft dan ook ontzettend belangrijk. Alleen op deze manier kunnen vraag om hulp en hulpverlening immers goed op elkaar worden afgestemd en kan het gewenste resultaat worden bereikt. Zoals uit onderstaand verslag mag blijken, heeft het derde Forum voor Depressie -dat opgebouwd was rond drie thematische vragen - eens te meer een wezenlijke bijdrage aan de uitbouw van deze dialoog geleverd.

Hoe beleef ik een depressie?

De eerste thematische vraag: “Hoe beleef ik een depressie?”, confronteerde de individuele beleving van patienten met wat zorgverstrekkers algemeen als “een depressieve toestand “ omschrijven.

Voor artsen en hulpverleners ligt de kern van elke depressie in een onevenwicht tussen draaglast en draagkracht. Druk, stress en belasting van buitenaf nemen toe, terwijl beetje bij beetje de draagkracht vermindert, meestal ook onder invloed van externe factoren. Tot op een bepaald moment “de rek eruit” is, het elastiek springt. Niets gaat nog, niets lukt. Bij een depressie komt iemand in een diepe crisis terecht die zijn hele wezen en leven overhoop gooit. Een depressie veroorzaakt veranderingen in drie fundamentele dimensies van het mens-zijn: het denken, het doen en het voelen.

“Total loss”

Wanneer men patienten en ex-patienten naar hun beleving van een depressie vraagt, zijn de antwoorden uiteenlopend. Wat erop wijst dat depressie een ziekte is met vele gedaanten, en dat de beleving sterk afhankelijk is van het ziektestadium waarin iemand zich bevindt. Maar zelfs binnen die verschillende belevingen zijn een aantal gevoelens voor zowat elke patient en zijn omgeving zeer herkenbaar.

Zo beleven de meeste mensen een depressie als een toestand van totale lichamelijke en geestelijke uitputting. Praten is moeilijk, zelfs een glas water nemen vereist een onmogelijke inspanning. “Deze verlamming maakt het onmogelijk om te doen wat van jou verwacht wordt, en wat je voor jezelf als minimale prestaties beschouwt. Wat dan weer zorgt voor grote schuldgevoelens en een erg negatief zelfbeeld: je voelt je een lamzak, een nietsnut, een mislukkeling”.

Mensen met een depressie zijn boos en teleurgesteld in zichzelf. Maar die gevoelens projecteren ze ook op hun omgeving. “Omstaanders nemen je probleem niet au serieux, en dat zorgt voor frustratie. Het gevoel door niemand te worden begrepen leidt tot grote eenzaamheid en droefheid, waardoor je nog meer geneigd bent je van je omgeving af te keren en je in je eigen wereld terug te trekken”. Sommigen zijn beschaamd om hun gevoelens en trachten ze weg te stoppen. “Leven met een masker” of ”voortdurend toneel spelen” zijn veelgehoorde uitspraken.

Een depressie roept ook heel tegenstrijdige gevoelens op. Mensen voelen zich heen en weer geslingerd tussen overprikkelbaarheid, irritatie en agitatie enerzijds, en een volslagen apathie anderzijds, met een zombie-achtige toestand en een grote behoefte aan slapen.

Tenslotte gaat een depressie - en dat is toch wel een belangrijke vaststelling - vrijwel steeds gepaard met zelfmoordgedachten tot zelfmoordpogingen. Alle deelnemers aan het forum hadden al ernstig overwogen er een einde aan te maken. En allen hadden ze de indruk dat deze suīcidale gedachten noch door de omgeving noch door de hulpverlening voldoende ernstig werden genomen.

Wantrouwen

Bovenstaande vaststelling, samen met het allesoverheersende gevoel “toch niet te worden begrepen”, wijst op een grote kloof tussen patienten en zorgverstrekkers. Het wantrouwen is groot, waardoor een efficiente hulpverlening extra moeilijk wordt.

Dat wantrouwen heerst overigens niet alleen bij de patient zelf, maar ook bij de omgeving. Die krijgt in heel wat opzichten met dezelfde gevoelens en moeilijkheden af te rekenen als de patient zelf: schuldgevoelens, machteloosheid, vervreemding van de persoon die hen ooit zo dierbaar was, vereenzaming en het gevoel dat niemand begrijpt wat er gebeurt, laat staan kan helpen. “Het is duidelijk dat patienten, hun omgeving en hulpverleners dichter naar elkaar moeten groeien”, zo besluiten de artsen. “En een ontmoetingsdag zoals deze kan zeker helpen om de kloof te dichten”. Maar het blijft een feit dat hulpverleners ook maar mensen zijn met mogelijkheden en limieten. En dat de verwachtingen van wie hulp vraagt vaak zeer hoog gespannen zijn. “We mogen niet vergeten dat een depressie overwinnen een moeizaam en langzaam proces is dat niet kan worden gerealiseerd zonder een goede communicatie. Die communicatie is er meestal niet vanaf het eerste ogenblik, ze moet groeien, net zoals het vertrouwen. Vergeten we ook niet dat argwaan een basissymptoom is van depressie, en een open relatie flink in de weg kan staan”.

Hoe blijf je overeind?

De herhaalde zelfmoordgedachten ten spijt, trachten mensen met een depressie zich toch op de een of andere manier staande te houden. Velen zoeken en vinden de kracht om hun probleem onder ogen te zien en gebruiken alle energie die ze hebben om uit het dal te klauteren. Wie of wat kan hen daarbij helpen?

Het belang van lotgenoten

Lotgenotencontact blijkt hier een sleutelwoord. Vanuit het gevoel dat de omgeving hen toch niet begrijpt, zoeken mensen met een depressie steun en begrip bij elkaar, en vaak vinden ze die ook. Het kunnen uitwisselen van gedachten en ervaringen, zonder dat daar al te veel uitleg bij nodig is, blijkt voor mensen met een depressie van onschatbare waarde. Contact met lotgenoten die hetzelfde doormaken maar al iets verder staan in het genezingsproces, geeft moed en energie om te vechten voor genezing.

Ook hulpverleners zijn overtuigd van de waarde van lotgenoten, al plaatsen ze enkele waarschuwingstekens. “Het menselijk contact en het luisterend en begripvol oor zijn beslist waardevol. Maar uiteindelijk beleeft ieder zijn depressie op zijn manier, en vraagt iedere depressie een eigen aanpak. Wat voor hem of haar (niet) heeft geholpen, zal ook (niet) helpen voor mij, is een foute redenering. Bovendien bestaat steeds het risico dat mensen die in het diepst van het dal zitten, lotgenoten in hun val dreigen mee te sleuren in plaats van hen vooruit te helpen”. Overigens gaat deze redenering ook op voor de naasten van de patient, voor wie het kunnen delen van ervaringen evenzeer belangrijk blijkt.

Lotgenotencontact kān, maar voor diagnose en therapie gaat men toch best bij een professionele hulpverlener te rade, zo luidt de stelling. Maar wie is het best geplaatst om de patient op te vangen en te begeleiden op zijn weg naar genezing? En vinden patienten en hun omgeving makkelijk de weg naar de hulpverlening? Het antwoord is neen. Patienten onderschatten de centrale positie van de huisarts als toegangspoort tot de hulpverlening, er bestaan nogal wat misvattingen over wat ze wel en niet van een psychiater kunnen verwachten, en ze weten vaak niet hoe en waar ze een erkend psycholoog of psychotherapeut moeten zoeken. Enige “orde” in de chaos van de hulpverlening is zeker welkom, waarbij de rol van de huisarts als eerste aanspreekpunt en doorverwijzer zeker meer moet worden benadrukt.

Geneesmiddelen en geduld

Naast lotgenoten contact en een professionele behandeling - die in vele gevallen geneesmiddelen met een vorm van psychotherapie combineert - kunnen nog andere mensen en middelen een waardevolle hulp betekenen in de strijd tegen de depressie.

Zo blijkt een begripvolle houding van de omgeving, en van de werkgever in het bijzonder, zeer hulpvol. Een omgeving die rustig reageert en de patient de tijd geeft om zijn ziekte door te maken, draagt daadwerkelijk bij tot het genezingsproces. Een negatieve of oordelende houding daarentegen duwt iemand nog dieper in de put.

Kinderen die zorg en aandacht vragen vormen eveneens een stimulans om verder te doen, “zo goed en zo kwaad als het kan”. Ook sociale contacten zijn belangrijk, al is het meestal de omgeving die zelf de eerste hand moet uitsteken en initiatieven tot activiteiten moet nemen.

Wandelen in de natuur, je gevoelens lossen door te gillen of te huilen, naar klassieke muziek luisteren en bidden blijken voor heel wat mensen met een depressie bronnen van levensenergie.

Structuur is nodig

Mensen met een depressie hebben een grote nood aan structuur, een vast ritme dat ze zichzelf opleggen, of dat hen van buitenaf wordt aangereikt. Dat kan gaan van de wandeling met de hond die elke dag op hetzelfde uur buiten wil voor een plasje, tot de opname in een dagcentrum waar de strikte organisatie van de activiteiten een wezenlijk onderdeel vormt van de therapie. De meeste zorgverleners spelen overigens in op die vraag naar structuur door patienten bij elke consultatie heel duidelijke, gerichte opdrachten mee te geven. “Onmiddellijk na de crash hoeft een patient van mij helemaal niks te doen”, zo stelt een arts. “Uitputting is dan immers wat overheerst, en het is belangrijk dat iemand daaraan kan en mag toegeven. Pas na een, twee of drie weken, afhankelijk van de persoon, beginnen we met de zeer geleidelijke opbouw van activiteiten. Dat moet in kleine stapjes gebeuren, die succes toelaten. Zoals: elke dag om 12 uur opstaan in plaats van, in bed te blijven liggen. Zich elke dag douchen en netjes aankleden. Het kan niet genoeg worden gezegd hoe elke kleine stap in wezen een grote overwinning betekent. Bovendien moet de opbouw over langere termijn worden gezien, dus van maand tot maand en niet van dag tot dag.

Zoeken naar informatie

Een laatste opvallend feit is de grote “informatiehonger”, zowel bij de patient als bij zijn omgeving. Lezen, weten, informeren, zoeken naar inzicht: de vraag naar het hoe en waarom van dit alles is alomtegenwoordig.

“Wat is er toch mis met mij?”, is een veelgehoorde vraag van patienten en ze heeft beslist haar nut. Niet om de patient een schuldgevoel of verantwoordelijkheid aan te praten, maar omdat inzicht in wat fout ging een voorwaarde is voor genezing. Zolang iemand een depressie ziet als iets dat hem “overkomt” maar waaraan hij zelf geen deel heeft, kan het genezingsproces niet beginnen.

Toch is ook hier een waarschuwing op haar plaats. Want hoewel er zeer veel goede informatie bestaat, worden in de media en via internet ook heel wat onwetenschappelijke, foute, misleidende of tendentieuze berichten verspreid. Ook hier is de huisarts, samen met de andere hulpverleners, het best geplaatst om het kaf van het koren te scheiden en de patient (en zijn omgeving) die informatie aan te reiken die voor hem, in dat specifieke stadium van zijn ziekte, echt zinvol is.

Tenslotte mag ook niet worden voorbijgegaan aan de vraag hoe de omgeving zich in stand houdt in confrontatie met een depressieve persoon. Samengevat luidt het antwoord: bijna alles wat de patient helpt, helpt ook zijn omgeving. En dan denken we vooral aan: begrip, aanvaarding en ondersteuning, inzicht en informatie, geduld, veel geduld en tijd. Ook de spontane contactname door vrienden of familieleden en uitnodigingen om deel te nemen aan sociale activiteiten worden zeer op prijs gesteld.

Heeft depressie zin?

Wie een depressieve periode doormaakt, weet een ding heel zeker: dit nooit meer! Mensen met een depressie voelen zich ellendig, ze hebben het gevoel dat ze zich in een diep zwart gat bevinden. De vraag naar de zin van dit alles kan dan ook pijnlijk en zelfs ongepast overkomen.

Dit nooit meer

Peilen naar de positieve aspecten van een depressie wordt wel relevant op het moment dat iemand zijn eerste stappen naar genezing heeft gezet. Een depressie dwingt iemand immers om stil te staan bij het leven dat hij of zij tot dan heeft geleid, en om zich af te vragen of dat ook het leven is dat hij of zij echt wil. Een depressie is op die manier erg confronterend, maar ook leerrijk. Want wie zegt “Dit nooit meer”, zal stappen moeten ondernemen om te zorgen dat het niet meer zover komt.

Hoe komt het dat er allerlei verplichtingen in mijn leven zijn geslopen en de leuke dingen steeds meer naar het achterplan werden geschoven? Hoe komt het dat ik mijn rugzak steeds zwaarder heb geladen, en op welk punt ben ik gekraakt? Het zijn vragen die mensen met een depressie zich vroeg of laat moeten stellen, maar die ook aan de hele maatschappij appelleren. Die stelt immers bijzonder hoge eisen aan elk van ons, en laat weinig ruimte voor zwakte of twijfel. In die zin is een depressie niet louter een individueel probleem, maar zegt het ook iets over de samenleving en de onzorgzame manier waarop we met elkaar omgaan. En kan ze dus ook op maatschappelijk vlak zinvol zijn.

Vriendelijk voor jezelf

Pas wanneer al deze moeilijke en pijnlijke vragen tot een bewuste ommekeer in iemands leven leiden, kan men stellen dat een depressie zin heeft (gehad). Dat blijkt ook uit de talrijke getuigenissen van mensen die het genezingsproces hebben doorgemaakt, met uitspraken zoals “Ik voel me nu een rijker mens. Ik sta sterker in mijn schoenen nu. Ik laat me minder leiden door wat anderen van me zouden kunnen denken”. Of nog: “Mijn depressie heeft me geleerd grenzen te stellen en mezelf te aanvaarden zoals ik ben, met mijn sterke en zwakke kanten. Ik ben nu “vriendelijker” voor mezelf, en anderen zijn dat ook”.

Ook voor de omgeving kan een depressie al bij al positief uitdraaien. Vaak voelden gezins- of familieleden of collega’s immers al aan “dat het zo niet langer kon”, dat werkdruk of relaties negatief evolueerden... En dus wordt ook die omgeving gedwongen om een aantal zaken die als “vanzelfsprekend” of “onaantastbaar” werden beschouwd, in vraag te stellen. Op die manier kan een depressie ook voor hen een stap zijn naar een warmer, rijker leven.

Herval voorkomen

Maar zelfs wanneer het inzicht is verworven en het keerpunt werd bereikt, is het werk niet af, zo waarschuwen zorgverleners. “Mensen worden nog al te vaak als genezen beschouwd vanaf het moment dat ze terug min of meer normaal functioneren. Dat ze voldoende energie en interesse kunnen opbrengen om hun gebruikelijke activiteiten weer op te nemen. Vaak zijn ze dan al enkele maanden “uit circuit” en wordt de druk, ook vanuit de (werk)omgeving, groot om weer aan te knopen met het leven en werk van elke dag. Helaas wordt zo vaak voorbijgegaan aan het feit dat nog maar een deel van de weg is afgelegd en het genezingsproces nog niet helemaal is afgerond.

Om een depressie echt zin te geven en vooral herval te voorkomen, is het immers niet voldoende inzicht te verwerven in hoe het zo ver is kunnen komen. Er moet ook concrete actie worden ondernoemen om te voorkomen dat men opnieuw in zo’n uitzichtloze situatie belandt. Dit vraagt “werk” op meerdere vlakken: enerzijds moeten fundamentele veranderingen leven en levenshouding worden gerealiseerd. Anderzijds moeten de natuurlijke weerbaarheid en stressgrens terug tot op een aanvaardbaar niveau worden opgekrikt, en dat kan maanden duren. “Er moet opnieuw voldoende rek in het elastiek komen. Zoniet gaat de persoon bij de eerstvolgende stressvolle gebeurtenis weer onderuit. En dat moeten we ten alle prijze vermijden.

Tot slot

Samengevat kan men stellen dat een depressie een pijnlijke ervaring is die iemand raakt in alle facetten van zijn mens-zijn. Wil men die negatieve gebeurtenis in iets positiefs en verrijkends omzetten, dan vraagt dit tijd en inzicht voor de patient zelf, begrip en geduld vanuit de omgeving, en voldoende professionele ondersteuning.