De cliŽnt
en zijn naaste omgeving

Niet alleen de cliŽnt lijdt; de omgeving lijdt mee. Hier staat men niet altijd bij stil. Vooral als een depressie ‘uit de lucht komt vallen’ en helemaal als het de eerste keer is, begrijpt de omgeving er niets van. Pogingen de cliŽnt op te vrolijken helpen niet. Adviezen als ‘kop op, morgen schijnt de zon weer’ of ‘probeer toch wat meer je best te doen’ werken alleen maar averechts, evenals andere goedbedoelde adviezen.
De omgeving voelt zich al gauw machteloos worden. Ze begrijpt de cliŽnt niet en wordt ook vaak boos. De cliŽnt kan zich hierdoor nog schuldiger gaan voelen dan hij al deed. De aandacht voor de kinderen was al minder geworden en zin om te vrijen had hij al lange tijd niet meer. ‘Ik ben een waardeloze vader en echtgenoot.’ Het is ook niet of nauwelijks voorstelbaar, hoe een depressieve cliŽnt zich voelt. Dit is echt afschuwelijk voor hem. Hij wil zo graag anders maar kan dat niet! Hij voelt zich aan alle kanten lamgelegd. Hij schaamt zich diep, zodat praten erover niet echt bij hem opkomt. ‘Praten heeft toch geen zin.’

Begrip en geduld
In deze situatie is het heel belangrijk dat de naasten juist proberen begrip en geduld op te brengen. Dit lukt des te beter, wanneer men deze situatie al eens eerder meegemaakt heeft en uit die tijd informatie heeft verkregen over het ziektebeeld en het verloop ervan. Immers, een depressie verdwijnt meestal op den duur spontaan weer naar de achtergrond. Vanuit die ervaring kan de omgeving proberen de cliŽnt zo goed en zo kwaad als het gaat op een ‘positieve manier’ bij te staan (letterlijk en figuurlijk), door bijvoorbeeld te zeggen: ‘Over niet al te lange tijd gaat het wat beter met je’ of ‘Probeer het vol te houden, wat kan ik voor je doen?’, ‘Ik laat je niet in de steek’, ‘Doe wat je kan doen, maar forceer het niet’, ‘Probeer regelmaat in je dagelijks leven te behouden, ik wil je daarbij proberen te helpen’, ‘Het geeft niet als het vandaag niet lukt, misschien over een tijdje wel’. Conclusie: het is het beste toch te proberen de cliŽnt met zachte hand tot lichte activiteiten aan te zetten. Hiermee kan hij weer een opgaande lijn te pakken krijgen.

Op tijd hulp inroepen
Het is niet eenvoudig, maar wel heel belangrijk, om alert te blijven op het moment dat deskundige hulp noodzakelijk wordt. Het is beter te vroeg aan de bel te trekken dan te laat. De depressie kan dan een diepte bereikt hebben, waar men veel moeilijker en langzamer uit komt (ook met deskundige hulp). De cliŽnt zelf zal doorgaans niet zo snel hulp vragen. Hij schaamt zich, voelt zich schuldig, is eventueel bang opgenomen te worden of denkt dat het toch allemaal geen zin meer heeft. De naasten hebben al een zware taak, maar deze mag niet te zwaar worden. De verantwoordelijkheid moet bijtijds gedeeld en desnoods verschoven worden naar een deskundige, in eerste instantie de huisarts. Te lang wachten is uit den boze. Het bovenstaande is relatief gezien wat makkelijker als de cliŽnt en z’n omgeving al eerder een depressieve periode hebben doorgemaakt. Als het goed is, is tijdens zo’n periode informatie gegeven over het ziektebeeld met al zijn facetten, dus ook over de voortekenen, of de waarschuwingssignalen. Bij een eventuele volgende episode is het van essentieel belang, dat een depressie in een vroegtijdig stadium onderkend wordt. Dit kan, bij tijdig inschakelen van de arts/psychiater, een toenemende depressie voorkomen, waarmee de cliŽnten de naaste omgeving veel leed, en misschien ook wel een opname, wordt bespaard. Preventie verdient dus een hoge prioriteit.
In dit kader is een goede arts-cliŽnt of psychiater-cliŽnt relatie van groot belang. Bij wijze van spreken moet dezelfde dag al de arts/psychiater bezocht kunnen worden. Dat vertrouwen is voor de cliŽnt onontbeerlijk.
Tijdens een behandeling kan bijvoorbeeld geconstateerd worden dat toch te vroeg met de antidepressiva gestopt is of dat een psychotherapie voortijdig afgebroken is of dat er te weinig moeite is gedaan voor het doorbreken van de depressie (leef)patronen. Een (dag)behandeling voor langere tijd kan misschien een oplossing zijn. CliŽnten hebben soms de neiging te snel met de behandeling te stoppen. ‘Het gaat immers goed.’ Bovendien moet in een behandeling iedere keer weer gezocht worden naar factoren die aanleiding hebben gegeven tot het ontstaan van de depressie. Zo mogelijk dienen deze met behulp van steunende psychotherapie, verandering van leefstijl of een specifieke therapie of hulpverlening aangepakt te worden.

lees ook.. tips voor de omgeving